CP3 by Basketball Totaal

Tanya Bröring: Ik heb mezelf erg goed leren kennen in het buitenland

Frits van Dongen heeft een enorm netwerk in het damesbasketball, en is een graag geziene gesprekspartner bij vele internationals. Zo sprak hij onlangs met Tanya Bröring, de Dutch Diva die in Spanje knappe dingen laat zien. 

IB: Je bent aanvoerdster van oranje, al jaren international, ervaren en hoe voelt dat?

TB: Voor mij is spelen voor Oranje het mooiste wat er is. Je land vertegenwoordigen is en blijft heel bijzonder. Inmiddels speel ik alweer 12 jaar voor het Nederlands Team en is mijn rol met de jaren veranderd. Toen ik als jonge speelster bij de selectie kwam, speelde ik met meiden als Inge Huitzing, Petra Rutgers, Irene Sloof, Marloes Roetgerink, Lonneke Bransz en Laura Kooij. We zijn de laatste jaren enorm verjongd en als ik nu om me heen kijk, begin ik me langzaam oud te voelen. Maar ik ben bovenal trots dat ik aanvoerdster mag zijn van dit Oranje en ik ben nog altijd enorm gemotiveerd om mijn droom waar te maken: een eindtoernooi spelen.

IB:Ben je inmiddels alweer beetje geacclimatiseerd in Spanje? In Huelva, waar is dat in de buurt?

TB: Op dit moment zit ik alweer bijna 5 maanden in Spanje en voelt het eerlijk gezegd alsof ik nooit weg ben geweest. Vorig jaar speelde ik hier ook dus dat is een stuk sneller wennen. Bovendien is het mijn vierde seizoen in Spanje en voel ik me hier ondertussen erg thuis. Huelva ligt aan de kust in het zuiden van Andalusië en slechts een uur van Sevilla en de Portugese grens.

IB: Wat mis je aan/van Nederland het meest en het minst?

TB: Ik mis eigenlijk vooral mijn familie en vrienden. Dit is mijn 7e seizoen in het buitenland dus ik ben eraan gewend om maandenlang niet in Nederland te zijn. Wat ik niet mis zijn de files, het Nederlandse gehaast, het weer of de hoge benzineprijzen.

IB: Als ik het goed begrepen heb, ben je inmiddels een tijdje Tante Tanya, wat betekent dat voor je?

TB: Mijn kleine neefje is heel belangrijk voor mij en hij is ook een van de belangrijkste redenen dat ik zeker in de zomer niet te lang van huis wil zijn. Een aantal weken of maanden je vrienden alleen via skype spreken, is nog wel te overzien, maar die kleine is nog geen 2 en dan mis je in 3 weken al heel veel. De maanden dat ik thuis ben, maak ik ook heel bewust een aantal dagen per week tijd voor Timme en pas ik veel op. Als ik in het buitenland ben, komen mijn ouders en zus me ook altijd opzoeken dus gelukkig hoef ik mijn neefje meestal niet langer dan 6 of 8 weken te missen.

IB: Wat heb je gestudeerd aan de V.U. En ben je nu alleen full time basketballster?

TB: Ik heb bewegingswetenschappen gestudeerd aan de VU in Amsterdam en heb een Master in Human Movement Science in Sports. In 2007 ben ik afgestudeerd en ik heb er destijds bewust voor gekozen om eerst te studeren voordat ik me in een buitenlands avontuur zou gaan storten. Sindsdien heb ik inderdaad fulltime gebasketballt. Wel heb ik altijd tijd proberen te besteden aan de taal van het land waar ik speelde en ook dit seizoen wil ik me richten op mijn Spaans. Mijn ervaring is dat het niet meevalt om een intensief trainings- en reisschema te combineren met studeren.

IB: Hoe lang basketbal je eigenlijk al, waar ben je begonnen?

TB: Ik ben begonnen met basketballen toen ik een jaar of 9 was bij MSV in Noordwijk dus nu ongeveer 20 jaar. Mijn 3 jaar oudere zus TInka was eerder al begonnen en al snel wilde ik dat natuurlijk ook. En aangezien ik het einde van mijn turn carrière al kon zien aankomen voordat deze daadwerkelijk was begonnen (oa door een enorm gebrek aan flexibiliteit), was de overstap snel gemaakt. Bovendien was naast mijn zus, mijn moeder mijn grote voorbeeld en wilde ik net als zij ook ooit in het Nederlands Team spelen. (Inmiddels heb ik meer interlands gespeeld dan mijn moeder, maar zij deed dat op verschillende Ek’s en een WK dus ik blijf jaloers.) Via een samenwerkingsverband tussen MSV en Grasshoppers kon ik op mijn 15e eredivisie junioren gaan spelen en van daaruit kwam ik een seizoen later bij de dames van Grasshoppers terecht.

IB: Wat betekent het voor je als je moeder bij je wedstrijden is?

TB: Tot mijn 18e is mijn moeder altijd mijn coach geweest bij 1 van de teams waarin ik speelde. Dus als ze op de tribune zit krijg ik behalve steun ook een vrij objectieve analyse na de wedstrijd. Dat is vaak verfrissend maar slechts een van de redenen dat ik het fijn vind haar bij wedstrijden op de tribune te hebben. Mijn vader is er overigens net zo vaak, maar door de blinde vaderliefde kan die net iets minder objectief zijn haha. Uiteraard is het altijd fijn om je ouders, zus of vrienden op de tribune te hebben. Ook om de ervaringen die ik hier op doe te kunnen delen met de mensen die het meeste voor mij betekenen.

IB: Wanneer was je debuut in het Nederlands dames team, vertel er a.u.b. kort iets erover.

TB: Om heel eerlijk te zijn kan ik me de bewuste wedstrijd niet meer voor de geest halen. Ik heb nog wel veel herinneringen aan die eerste zomer en de maanden erna dat we Europacup speelden als MBT Mijdrecht. Dat was allemaal heel spannend als 17- en 18-jarige.

IB: Wat betekent de bondscoach voor jou?

TB: Meindert is nu al ongeveer 12 jaar mijn coach bij het Nederlands Team en vanzelfsprekend hebben we al veel meegemaakt. Jarenlang hebben we gestreden om te promoveren en toen dat lukte, betekende dat ontzettend veel voor ons. Mede doordat we samen van ver zijn gekomen delen we dezelfde drive en motivatie om een EK te spelen. Dus in veel dingen begrijpen Meindert en ik elkaar heel goed. Uiteraard zijn we het ook over genoeg dingen oneens, maar dat wederzijdse begrip brengt ons heel ver. Zo is Meindert ook een van de weinige mensen die werkelijk weet wat het voor mij betekent dat ik nu hier in Spanje speel en dat ik daar veel voor heb moeten doen of juist laten.

IB: Heb je ook steeds dezelfde roomie?

TB: Sinds een aantal jaar is Myrthe Beld mijn vaste roomie. En daar krijgen we het dagelijkse bezoek van Karin Kuijt en Maaike Klein gratis bij. Daarvoor deelde ik altijd de kamer met Rinske van Schooneveld, maar dat is inmiddels alweer 6 of 7 jaar geleden. Tijdens de voorbereiding hebben we trouwens nog geen vaste kamergenoot en roteren we, want ik denk dat het belangrijk om al je teamgenoten beter te leren kennen.

IB: Wie vind jij de beste guard / forward / center in de dameswereld?

TB: Lastige vraag omdat ik niet iemand ben die makkelijk een mening vormt over speelsters waar ik zelf niet mee of tegen heb gespeeld. Bovendien zie ik niet genoeg WNBA of Euroleague wedstrijden om dat überhaupt te kunnen zeggen. Met het Nederlands Team en vooral hier in Spanje heb ik tegen veel internationale topspeelsters gespeeld, maar ik kan niet zo zeggen wie voor mij de beste speelster is op dit moment.

IB: Welke van al je ervaringen maken je rijker, denk je?

TB: Welke ervaringen niet? Ik denk dat zowel de negatieve als de positieve ervaringen enorm bijdragen aan de persoon die je bent en wordt. Zo denk ik dat mijn enigszins eenzame periode in Italië mij sterker heeft gemaakt waar mijn gelukkige periode in de Spaanse zon mij onvergetelijke herinneringen heeft gebracht. Als je alleen in het buitenland gaat basketballen zul je hoe dan ook moeten leren om te gaan met tegenslagen, te presteren onder druk, door te zetten, te acclimatiseren, te relativeren en te genieten van kleine successen. Het is niet alleen maar rozengeur en maneschijn, want je moet ook keihard werken en dat alleen ver van huis. Door de jaren heen heb ik goed gespeeld en slecht gespeeld, ik ben gestart en ik ben van de bank gekomen, ik heb in winnende en verliezende teams gespeeld, ik ben kampioen geworden en ik ben gedegradeerd, ik heb bij teams gespeeld met torenhoge druk en bij teams met een zeer ontspannen organisatie, ik heb zeer professionele en zeer onprofessionele teams meegemaakt en met allerlei verschillende coaches gewerkt, maar uiteindelijk zul je in elke situatie moeten presteren en een bijdrage leveren aan het team. Door al deze ervaringen denk ik dat ik nu vooral een betere teamgenoot kan zijn omdat ik me makkelijk kan verplaatsen in andermans situatie. Los daarvan heb ik mezelf erg goed leren kennen en denk ik dat ik vooral heel veel geweldige dingen mee heb mogen maken. Mede daardoor maak ik me ook minder zorgen om de toekomst, wat er ook op mijn pad komt, het komt goed.

IB: Wat vind je van de Spaanse ten opzichte van de Nederlandse supporters?

TB: Over het algemeen zijn Spaanse supporters een stuk enthousiaster, fanatieker en uitbundiger dan Nederlandse supporters. Hier in Andalusië (het uiterste zuiden van Spanje) zijn ze dat met hun zuidelijke temperament nog ietsje extra.

IB: Hoe denk je over de Nederlandse competitie met de 3 poules? Wat vind je daarvan?

TB: Op zich denk ik dat het goed is geweest om iets nieuws te proberen, maar na een aantal competitierondes is nu wel gebleken dat het verschil tussen eredivisie en promotiedivisie teams nog groter is dan verwacht. Daardoor zijn de uitslagen te groot om het competitief interessant te houden. Het is ook zeker niet ideaal om 8 keer tegen dezelfde ploegen te spelen zoals vorig jaar, maar dat is denk ik beter dan een enorm niveauverschil.

IB: Hoe motiveer jij jezelf?

TB: Ik ben van nature geen trainingsbeest dus sommige dagen is het lastiger om gemotiveerd naar een training te gaan dan andere dagen. Ik heb niet altijd zin om te gaan trainen, maar als ik eenmaal op het veld sta dan ga ik ook hard. Inmiddels kan ik me er ook goed overheen zetten en denk ik vooral aan hoe slecht ik me voel als we hebben verloren. Ik heb echt een hekel aan verliezen en de enige manier om wedstrijden te gaan winnen is door hard, scherp en waardevol te trainen. Dus dat is altijd een goede motivatie voor mij. Uiteraard besef ik ook vaak genoeg dat ik bevoorrecht ben om van mijn sport mijn werk te maken en dat ik dit kan doen. Zo zijn onze thuiswedstrijden echt een feest met ons publiek en de sfeer en zal bijvoorbeeld onze gewonnen wedstrijd tegen het grote Perfumerias Avenida hier voor altijd de boeken in gaan. Dat ik dat soort dingen mag meemaken en tegelijkertijd in het prachtige zuiden van Spanje mag wonen, sleept mij door vele koude lange ochtendtrainingen heen. Bovendien wil ik een EK spelen en mijn team daarnaartoe helpen. Dan zal ik mezelf moeten blijven ontwikkelen als speelster en daar zal ik voor moeten werken, elke training, elke dag. Zin of geen zin.

IB: Wat doe je eigenlijk in je vrije tijd?Heb je andere hobby’s?

TB: Hoe ik mijn vrije tijd het liefst indeel, heeft er vooral mee te maken of ik midden in een seizoen zit of niet. Tijdens een zware week trainen ontspan ik vooral met het kijken van films en tv series als Grey’s Anatomy, Game of Thrones, Suits, Homeland en Modern Family, maar moet ik ook tijd besteden aan mijn Spaans. Ik kan ook enorm genieten van een boek lezen in de zon en Spaanse lunches aan het strand of shoppen in de stad. Als ik in Nederland ben, besteed ik vooral veel tijd aan het zien van mijn vrienden onder het genot van een kop thee of een drankje en een feestje. Verder ben ik gek op skiën, maar dat schiet er nu al jaren bij in doordat ik het niet kan combineren met basketball.

IB: Wat is het vreemdste basketball moment dat je ooit heb beleefd?

TB: Ik heb vooral bizarre dingen meegemaakt in en rond een team zoals presidenten die (soms met succes) achter 30 jaar jongere speelsters aan zaten, managers die er met geld vandoor gingen, door maffia geïnitieerde plotselinge verhuispartijen en eten stelende huisgenoten. En niet te vergeten een coach die in de bus ipv een pleister bij te knippen na een ziekenhuisbezoek nog 4 extra hechtingen in een wenkbrauw knipt. Binnen de lijnen heb ik op miraculeuze wijze in de laatste seconden nog wedstrijden gewonnen en verloren, maar met mij vele andere speelsters. Ik vergeet ook nooit meer de wedstrijdomstandigheden in Macedonië met de rokende beveiligingsmensen als publiek en als warming up activiteit het verwijderen van uitstekende spijkers in de vloer.

IB: Wil je zelf nog iets kwijt?

TB: Ik hoop dat we sportief gezien vooruitgang kunnen blijven boeken als Nederlands basketball en we onze ambitie niet verliezen door tijdelijke stilstand. De nijpende situatie bij de NBB heeft vanzelfsprekend enige invloed op de mogelijkheden voor onze nationale teams en competities, maar ik vind het pijnlijk om te zien hoe negatief onder andere de buitenwacht hierop reageert. Als speelster hoop je altijd op de beste omstandigheden om te presteren, maar ook als de omstandigheden minder zijn, blijft het vuur van mijn ambitie onveranderd branden. Ik denk dat we als speelsters, bestuurders, coaches en liefhebbers onze krachten moeten bundelen en bedenken of we daadwerkelijk het beste voor hebben met onze sport of dat we liever kortstondige persoonlijke successen boven het Nederlands basketball verkiezen.

IB: Van wie uit het Nederlands team zou jij meer willen weten, iemand die nog net geweest is?

TB: Frits, ik vrees dat jij beter overzicht hebt van de mensen die nog niet geweest zijn, maar misschien iemand van onze coaches of organisatie? Meindert, Erik, Esther?

IB: In ieder geval hartelijk bedankt voor het meedoen.

Laat een reactie achter

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.