CP3 by Basketball Totaal

Return of the feelings

Mijn beleving van de bijzondere, ‘legendarische’ sfeer vorige week in Den Bosch. Met aan het eind een nadrukkelijke uitnodiging aan met name Leiden, Amsterdam, Den Helder en Donar……

De Maaspoort, zaterdag 6 april 2019. Een topidee, zeg maar gerust een Jan-tastisch Idee, en een topuitvoering, zeg maar gerust een Bob-uitvoering. Want Jan Dekker legde de basis vanuit zijn verlangen om de ploeg van 1979 weer te zien, en Bob van Oosterhout en al zijn collega’s hebben het geweldig uitgewerkt.

Wat een feest der (h)erkenning werd dat! In die inmiddels oude hal die het nog zo goed doet. Daar kwamen geen legendes bij elkaar – daar kwamen gevoelens terug. Gevoelens van liefde voor met name dat ene zeer glorieuze team, en ook voor alle Nashua-teams daarvoor en daarna, voor Rinus, voor deze recordclub die 16 x de titel pakte, voor de menselijke verbinding, voor de liefde voor het mooiste spelletje ooit bedacht en gespeeld.

’s Middags start ik op in de zon en werp een balletje op de mooiste basketballveldjes van Nederland: twee buitenvelden met 4 topborden van glas, top-klapringen en puntgave netjes. Gewoon direct naast de Maaspoort. Nooit eerder gezien in Nederland. Daar gaan mijn layups en hookshots en jumpers er best netjes in, en heb ik lol met een andere baller. Die vroeger ook gespeeld heeft, dichtbij woont maar niet eens weet heeft van het spektakel dat op het punt van beginnen staat. Ook dat gevoel ken ik van vroeger: hoe kan het toch dat ik en enkele anderen beduidend meer weten van basketballevents dan anderen die toch ook echt ‘doelgroep’ zijn? Hoe loopt die communicatie, en hoe loopt die niet? Maar vooral is er al stuiterend weer dat gevoel van jong-zijn en dat alles lukt. Wederom blijkt dat als je op een veldje staat, je zo makkelijk contact legt met andere deelnemers daar. Basketball verbindt werkelijk.

Er zouden afgelopen zaterdag legendes komen: Buff, Al, Dan, Jan D, Kees, John, Rob, Jan W, Theo, Ton, Rinus en ik zal er een paar vergeten.

Die Bossche helden waren er inderdaad (op John na die niet kon, en James die overleden is). En meer oud-spelers waren present. Maar als je ze dan weer voor je ziet, zijn het helemaal geen legendes. Maar is het volkomen de realiteit. Met daarin ruimte voor al die feelings die terugkomen. Geen ijle mentale mijmeringen, maar volle, fysiek voelbare herinneringen aan de gouden jaren en die unieke momenten in de basketballtempel. Time warp….

In de hal en in de kantine al die oude bekenden bij wie ik me weer op m’n gemak voel, ook zo’n ‘return’. Oude vrienden, oude gezichten van wie ik de namen nooit geweten heb en ook niet hoef te weten – simpelweg omdat we allemaal samen dat grote ‘Bossche supporterslichaam’ vormden waarin namen er niet toe doen. Ik herken hun blikken in de ogen, postuur, lichaamstaal, hun voorkomen. Ik ben in no-time deel van een spontane mini-reünie van 6 ex-leden van de vergane club Titanus.

Basketballers bij wie het spelgenot nog steeds kriebelt. Namelijk de loco-burgemeester van Den Bosch, Jan Hoskam; de beste schutter van Den Bosch en omstreken in de jaren ’80 (buiten Nashua) René van Ooste; mijn ex-teamgenoot Dirk van Lieshout, de vader van New Hero Norbert Thelissen: Guillaume, en Wim ’Flap’ Martens die als hij hot was zo ongelooflijk stond raak te flappen dat het witte nylon het egniemeer leuk vond. En nu hier met elkaar, er is werkelijk geen enkele drempel om een gesprek te beginnen; het is instant weer 30 jaar geleden.

Ik heb ook nieuwe feelings die avond. Ik ben namelijk de gelukkige bezitter van een origineel Kees Akerboom wedstrijdshirt (van Adidas, met Nashua erop, circa 1983) en heb dat met trots gedragen. Wooo. Velen kijken daarom naar me, Vernon Taylor van New Heroes (goede speler trouwens!) groette me netjes en ik besef pas achteraf dat in elk geval hij en waarschijnlijk ook diverse andere toeschouwers dachten dat ik een oud-speler was. Nee mevrouw, meneer, maar wel een fanatiek supporter vroegah.

Vooral zijn er die jaren ’80 en ’90 feelings. Zoals dat Mart Smeets-gevoel, toen hij prachtig het woord nam bij het eerste deel en zei ‘ik vond het fijn hier uitgescholden te worden. Want ik kwam voor het basketball. En jullie maar denken dat ik voor Leiden was, of Groningen. Terwijl ze daar dachten dat ik voor jullie was … maar ik was voor het basketball!’

En ook weer dat Rinus-gevoel.

Nog weer wat kwetsbaarder in een rolstoel, maar toch volop aanwezig. Wat heeft hij veel betekend. Prachtig dat Bob van Oosterhout hem rondrijdt voor een unieke ereronde. Jan Dekker, lekker fanatiek. Dan Cramer die me aansprak over m’n shirt: ‘That’s the right number!’.

Mijn vader is er ook bij, zoals zo vaak in het verleden. Hij kent Kees Akerboom nog persoonlijk van vroeger. Dus je raadt het al: herinneringen opgehaald, en samen op de foto. En ik voel ook weer de trots op ‘mijn’ Den Bosch dat als club en stad hier vanavond zovele bezoekers trekt, ook uit andere delen van het land.

En nu dan het heilige woord ‘Nashua’ op de shirts bij de avondwedstrijd tegen Apollo, wat een ongelooflijk zalig gevoel. Het gevoel van toen: van soms uitzinnigheid, van opwinding. Dan houdt ‘vroeger’ nooit meer op, het blijft een oase van verfrissing, van laving aan de bron.

Er zijn ook wedstrijdgevoelens die terugkomen. Gaan we wel winnen? Lopen ‘we’ weer niet teveel te kloten? Och man wat was Nashua behalve topteam toch ook vaak flegmatiek of slordig. Complimenten aan de mannen uit de hoofdstad die pas op het laatst moeten buigen voor Den Bosch. Daar is wel voor nodig dat Skelin in Q4 continu 4 Amerikanen plus 1 Nederlander laat spelen. Tegen alleen maar Nederlanders die echt verrassend spelen. Wat een goede coach ben je als ik dat allemaal zie gebeuren, Patrick Faijdherbe.

Na afloop een heel mooi gesprek met Big Henk Pieterse (en heel even schuift Richard van Poelgeest ook aan).

Ik voel me (deels) weer die omhoog kijkende fan van hem van vroeger, maar toch is het een gelijkwaardig gesprek van twee mannen die het vooral over andere dingen hadden dan basketball. Zoals het verschil tussen lachen in lachworkshops en lachen om (stand-up) comedy. Henk weet nl. dat ik ook lachworkshops geef aan groepen en vraagt hoe dat nou werkt. Ik vertel dat lachen in een workshop heel anders is dan lachen om comedy. Het is veel spontaner, meer vanuit hart en buik dan ‘lachen om een grap’ met je hoofd. En hoe schitterend het is als na flink lachen – juist ‘om niks’ –de (figuurlijke) maskers van de deelnemers blijken te zijn afgevallen. Wat in feite ook een feeling is die returnt: je echte zelf weer voelen, elkaar zien zoals we echt zijn. Wat zo vaak niet lukt doordat we ons zo laten meeslepen. En ergens op reageren vanuit patroontjes in plaats van authentiek zijn. Daarover meer in een volgende column.

Leuk ook dat Henk het aannemingsbedrijf waarvoor ik ambassadeur ben, Aannemingsbedrijf Motyka, gaat inschakelen voor zijn huis. Szymek Motyka heeft een hele goede indruk gemaakt, en dat kan kloppen, want hij en zijn team zijn vaklui die mooi werk leveren.

(Dus een tip voor wie een verbouwing heeft zoals in de keuken, woonkamers, zolders, badkamer, tuinschutting/huisje, of stuc/schilder/tegelwerk etc. wil laten doen: kijk op http://www.aannemingsbedrijfmotyka.nl en neem contact op).

En natuurlijk hadden we het ook wèl over basketball, zoals over mijn andere held-van-toen Paul Thompson, die in mei in Den Bosch op bezoek komt, is de bedoeling. De beste speler ooit in Nederland, die 46 punten scoorde tegen Maccabi Tel Aviv, na 3 jaar NBA en een jaar FC Barcelona. Niet-te-stoppen. Hoge jumpers vanaf de driepuntslijn. (Alhoewel, misschien moet hij maar thuis blijven, wegblijven! Veel beter voor de legendevorming. Een deel van mij wil louter de beelden van toen handhaven. Illusie natuurlijk want de enige constante van het leven is verandering.) Henk schreef een mooi stukje over de avond.

Ik krijg ook dat gevoel weer terug van basketballtrainer-zijn, als ik in gesprek ben met een oude maat van me over een mogelijke rol bij de techniek-trainingen van de jeugd van een goede club … zo mooi om te merken welke stappen hij heeft gezet, waar die club nu staat (uniek in Nederland voor zover ik kan overzien), hoe het spel is geëvolueerd … Heel gaaf! Echter, ik ga het niet doen. Want hoeveel dingen kan ik goed doen? Focus, focus … en de flinke reistijd … Ja, die afwegingen, ook die ken ik van eerder.

Ook de feeling van jeugd willen recruteren, niet laten lopen: in de pauze was er een vrije worp-wedstrijd voor de jongsten. Een lang meisje deed het goed en dus checkte spreekstalmeester Ronald van Dam of ze basketballt. Nee, helaas, hockey … ik meende te zien dat hij dat niet leuk vond. En dat ken ik maar al te goed: je wilt toch dat alle talenten voor ‘onze ‘ sport kiezen? Ik pak later mijn mini-kansje om haar de goede kant op te beïnvloeden als ze na afloop naar buiten loopt: ‘jij moet gaan basketballen!’ roep ik spontaan. De blik in haar ogen vertelde me dat er al een dergelijk zaadje was geplant op deze heuglijke avond.

Bob van Oosterhout kreeg enkele dagen geleden overigens ook gevoelens van herkenning terug toen hij ook nog even een sponsor regelde voor de Windmolens, die daardoor hadden willen kunnen blijven draaien (mooi he, 5 werkwoordsvormen achter elkaar…) in Dordt. Jack’s Casino, dat hij 21 jaar geleden ook al koppelde aan een club (Helmond Sport). Ik ben niet helemaal verrukt dat het gokwezen zijn intrede had kunnen doen op de vaderlandse velden maar wèl vind ik het geweldig dat Bob het ‘m flikt om een veelbelovende club te willen en te kunnen redden uit de acute penarie. Ok, het loopt dus anders, weer een ploeg minder. En ook dàt hebben we diverse malen eerder gezien, zoals Leon Kersten netjes op een rij zette. Laat het een waarschuwing zijn voor de nieuwe toetreders. Die ik er overigens graag bij heb – mits ze hun zaakjes op orde hebben.

Al met al een topavond. Dit is de energie opbouwen. Zie je nou dat we het als mensen wèl kunnen: aardig zijn voor elkaar?

Ik nodig met name Leiden, Amsterdam, Den Helder en Donar uit om niet bang te zijn voor ‘copycat’ versleten te worden en gewoon ook zo’n historische avond te doen. Leiden: zorg dat Mitchell Plaat dan wel komt. En zoniet, dan is het pas een echte legende: iemand die je echt nooit meer ziet en toch steeds weer gevoelens oproept. Tony Parker sr., ik heb ‘m nooit zien spelen, dus koop dat ticket voor ‘m, met z’n vrouw en 3 zoons erbij. Maar ook bijvoorbeeld Rotterdam heeft historie: in de jaren ’70 was er daar ook al topbasketball. Jacky Dinkins, where art thou? Weert: sinds 1983 eredivisie als ik het goed heb. Na Den Bosch het langst onafgebroken, jaja…dus ook daar verleden zat. Henk Konings huldigen, dat lijkt me niet verkeerd.

Kortom, alle mensen bedankt, alle basketballharten stromen weer!

Marnix Lamers

Over de auteur:
‘Wat speelt er’ heet deze column van Marnix Lamers (1970), over de vele facetten en betekenissen die we in ons mooie spelletje kunnen ontdekken. Marnix groeide op met zelf basketballen en kijken naar Nashua Den Bosch in de hoogtijdagen. Hij werd dus hoopsjunkie en was op z’n 16e al basketballtrainer-coach. Nu werkt hij als trainer en inspirator aan het verbeteren van communicatie, samenwerking en waardecreatie in organisaties. Zijn websites zijn http://www.aannemingsbedrijfmotyka.nl, http://www.nieuwewaardecreaties.nl en https://www.wayra.nl

Laat een reactie achter

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.