CP3 by Basketball Totaal

MU16 bondscoach Wierd Goedee: deze lessen uit het A-EK kunnen we meteen toepassen

Terwijl de SPENS Arena in Novi Sad nog natrilde van de ge-wel-dige finale tussen Kroatië en Spanje (71-70), spraken we met Oranje bondscoach MU16 Wierd Goedee. Hij ging in op de lessen, die de coaches en de spelers uit dit EK op topniveau trekken.

Kijkend naar de prestaties van Oranje (1 maal gewonnen, 6 maal verloren, terug naar de B-groep in 2019), en deze ook vergelijkend met de andere A-landen, springen er twee zaken uit.

Ten eerste is het belangrijk dat de MU16 talenten vaker (het liefst elke week) tegen tegenstanders spelen, die groter en sterker zijn dan zij zelf. Dat kan bijvoorbeeld door ook (of uitsluitend) op U18 of zelfs U21 niveau te trainen en te spelen. Op internationaal niveau kom je bij de toplanden spelers tegen, die al zo groot en sterk zijn, als in Nederland de beste spelers bij de U18 of zelfs hoger. Naast het opzoeken van die zwaardere tegenstand in eigen land, kan ook het vaker spelen van buitenlandse toernooien, bijvoorbeeld met Kerst en Pasen, helpen om te leren op te boksen tegen ‘volwassen’ kerels van 16 jaar uit andere landen.

Ten tweede moet er meer aan kracht gewerkt worden. Als je ziet wat voor beulen er rond lopen bij landen als Turkije (twee zelfs) en Spanje (een stuk of vier), dan is duidelijk dat Nederland hier nog op achter loopt. Deels heeft dat te maken moet de leeftijd waarop jongens in Noord-Europa zich fysiek ontwikkelen. “We zijn laatgroeiers”, noemt Goedee dat. Niettemin kunnen ook wij in Nederland meer aan onze kracht, massa, kilo’s werken. “De andere landen noemden dan met een knipoog onze spaghetti-legs”, vertelt de bondscoach. Oftewel, beentjes zo dun als spaghettislierten.
Uiteraard moet er niet blind op alleen maar spieren of kilo’s getraind worden. Er moet goede begeleiding en een goed voedingspatroon zijn. In combinatie daarmee is spierkracht, explosiviteit, en gewicht van grote waarde.

“We rebounden op sub-topniveau als typische 16-jarigen. In vergelijking met de Europese top als 14-jarigen.” De bondscoach ziet een duidelijk verband tussen kracht en reboundkracht. Hoewel Nederland het reboundend in diverse wedstrijden knap deed, mede dankzij het atletisch vermogen van de ploeg, kwam het op dat front toch te kort tegen de toplanden.

Meer ervaring tegen sterkere (bv. U18-)tegenstanders en meer kracht zal Nederland ook gaan helpen bij het maken van afstandsschoten. “Op dit niveau krijg je minder tijd, minder ruimte, en meer druk op je schoten”, geeft Goedee aan. “Hoe meer kracht je hebt, in je eigen schot, maar ook in de hele aanval als ploeg, hoe beter het zal lukken om die verre schoten toch te maken.”

Na de gewonnen wedstrijd tegen Georgië heeft Goedee, samen met assistentcoaches Triemstra en Bout, een 1-op-1 gesprek gevoerd met alle 12 spelers. Maar liefst 4.5 uur lang deelden de coaches hun bevindingen, complimenten, en adviezen met de 12 kerels. De spelers hadden huiswerk gekregen: op hun telefoon schreven ze zelf op, wat ze goed en minder goed van hun spel vonden. De kunst is nu, om de vele mooie, wijze, en zware lessen van “Novi Sad” mee te nemen naar de eigen club (en/of Academy) en die daar in daden om te zetten. Daar hoort soms ook als doel bij: gemener durven spelen, af en toe eens flink van je afbijten. Maar vooral: toewerken naar het verbeteren als individu, én als teamspeler. Elke dag weer.

Goedee merkte op diverse vlakken in deze korte EK-periode verbeteringen. Bijvoorbeeld qua tactisch inzicht. “Spelers zagen ter voorbereiding de video van Georgië, en zeiden tegen me: ze spelen een triangle-and-two (3 man in zoneverdediging, 2 in man-to-man). Ze hebben geleerd om sneller situaties te herkennen. Ook weten ze nu beter, hoe ze daarop moeten reageren. De uitvoering daarvan moet beter worden.”

Achteraf is de wijsheid vaak groter; had Nederland met die ‘kennis van nu’ meer uit dit toernooi moeten halen? Goedee is reëel, hij geeft aan dat hij en het team zeker zaken beter hadden kunnen doen, maar dat over het hele toernooi gezien, de meeste andere landen een stapje (soms twee, soms drie), verder zijn dan Nederland. Zeker, tegen Letland en Slovenië waren er kansen geweest. Maar als het afstandsschot dan onvoldoende is, zeker met de hogere verdedigende druk, wordt het lastig om dat soort wedstrijden te pakken. Het is dan ook het meest productief om daar niet over te treuren, maar vooral scherp te evalueren, en die conclusies in nieuwe acties om te zetten.

Die kansen, om alles wat Novi Sad aan Oranje geleerd heeft, in de praktijk te brengen, komen al heel snel. Ook voor coach Goedee zelf, die in het dagelijks leven verantwoordelijk is voor alle basketballopleidingen van Apollo Amsterdam (afgelopen seizoen drievoudig Nederlands kampioen). Hij weet als weinig anderen, welke mooie beloningen er in het verschiet liggen, als je je basketballdromen najaagt én daar keihard voor werkt. Het kan je op prachtige toernooien als dit EK op A-niveau brengen, maar ook in je latere carrière kan het wedstrijden opleveren tegen iconische teams en iconische spelers. “Zag ik daar nou ook Vrankovic zitten, naast de bank van Kroatië?” Goedee twijfelt, want de mastodont van Split en de Boston Celtics heeft een getekend gezicht inmiddels. Maar hij is het toch echt (in zijn functie als voorzitter van de Kroatische bond). “Weet je, dat ik nog tegen hem gespeeld heb? Ik denk met Den Bosch, of was het met Oranje? Hein (Triemstra) weet dat soort dingen altijd nog precies. We speelden tegen gasten als Vrankovic, Radja, Vince Carter, Antawn Jamison (HBW te Haarlem), een oefenpot tegen Jason Kidd en Gary Payton … die basketballgeschiedenis inspireert nog steeds.”

Orange Lions Teammanager John Groot beaamt het; ook hij heeft in zijn lange basketballleven al die vedetten van dichtbij gezien. Net als voor Goedee, zal ook voor hem de vakantie kort zijn. Na de nachtvlucht terug naar Nederland wacht zijn club Den Helder Suns al weer met smart op hem. Nieuw seizoen, nieuwe spelers. Allemaal weten ze hem te vinden. Werkvergunningen, woningen, auto’s, trainingskampen, oefenwedstrijden. John kent het klappen van de zweep. Straks dus weer aan de slag met ‘gelouterde’ profs. Maar minstens vandaag en morgen nog nagenieten van de onbevangen jonge honden van de U16. De mannen zijn al de Servische nacht in gedoken. Coach en manager laten ze maar even begaan. De winst van vanmiddag tegen Georgië, en de wijze lessen van wedstrijden tegen toplanden als Spanje, Servië, Litouwen, en Italië gaan in de koffer mee naar Amsterdam, Den Helder, Den Bosch, Haarlem, Weert, en voor sommige spelers zelfs naar de USA. En daar wacht het volgende avontuur, weer een stap in de beginnende carrières van deze basketballegeneratie. Wie weet, spelen zij over een jaar of 10 tegen de opvolgers van Vince Carter en Jason Kidd. Misschien, dat ze dan nog eens terug denken aan die hal in Novi Sad, ‘waar het ooit begon’ …

Foto: FIBA.basketball

Laat een reactie achter