CP3 by Basketball Totaal

Meindert

Joris_Zandbergen_Column_iBB_Fast-Break

Het was die foto van Leon Kersten met een klein tekstje erbij. Meindert van Veen die vecht tegen prostaatkanker. Voor basketbalbegrippen ging het viraal, en de (lieve) reacties stroomden binnen.

Uiteraard. Maar voor de selfie-generatie: Meindert van Veen is een coach-LEGENDE. In het tijdperk voordat iedere tienjarige als verjaarscadeau een smartphone kreeg, werd hij veertien keer, ja geen typo, kampioen van Nederland met de vrouwen van Den Helder. En nog een keer met de Helderse mannen, en als assistent van Erik Braal met Donar. En hij was 28 jaar bondscoach van onze Oranje dames, gelukkig voor ze de jeuk-bijnaam Orange Angels kregen.

Nee, dit is geen voorschot op een necrologie, mocht u mij van deze goedkope sentimenten verdenken, en ook geen poging om mijn lezerspubliek te vergroten. Het is een eerbetoon aan een van mijn helden, die nog volop actief is. Dat veel van dit verhaal zich in de verleden tijd afspeelt, komt simpelweg omdat de tijd dat onze paden zich regelmatig kruisten veelal achter ons ligt.

Ik was als coach actief toen Meindert de scepter zwaaide bij de Helderse meiden, al durf ik niet te zeggen dat we gelijken waren; daarvoor was hij van een te hogere categorie. Wat haatte ik het om tegen zijn teams te spelen. Die ploegen waren te goed getraind, gecoacht en voorbereid.

Je wist precies wat ze speelden. Eerst flex, later fist. Maar net als bij de Bulls van Phil Jackson (waarom hebben goede coaches een snor: Meindert, Toon en PJ, en waarom had Pop er geen? Maar die heeft tegenwoordig wel een baard), het bestrijden is vers twee. Daarbij liet hij in de topjaren Den Helder een geweldige press spelen, slim, tactisch sterk en kiezelhard, want op hulp van de refs hoefde je niet te rekenen.

Die had Meindert volledig in zijn zak. Er was weleens een vermetele die beweerde dat hij totaal niet onder de indruk was van de Helderse halfgod. Soms gaf hij (m/v) zelfs wel eens een technische aan de ‘Snor’. Dan had je als tegenstander helemaal een kamer in Hotel de Aap, want dan wist je zeker dat de rest van de tijd er helemaal niets meer verkeerd kon gaan voor zijn team.

Niet dat die hulp noodzakelijk was. Als ‘wij’ nog sliepen, gaf Meindert schotttraining aan zijn meiden, voordat ze naar school gingen. Hij eiste dezelfde toewijding van zijn speelsters die hij voor het spelletje  voelde (voelt), en als die kwam, stond de rest van het land erbij en keek ernaar.

Midden jaren negentig stapte hij eens over naar de mannentak van Noordkop. Prompt werd hij ook daarmee kampioen. Uiteraard. (trouwens, wil iemand de Wikipedia van Meindert aanpassen? Nu: kampioen DBL 1995, coach van het jaar 1994. Tijd voor wat girl power). Toch werd hij niet gepruimd, wellicht omdat hij nooit zelf eredivisie speelde. Hij keerde terug naar de dames en maakte het de rest nog een paar jaar onmogelijk.

Misschien gek na bijna drie decennia, maar toch moest hij te vroeg stoppen als bondscoach. Het door mij tot op de dag van vandaag verfoeide CTO ging de keuzeheer leveren. Een van de vele bezwaren die ik heb tegen het CTO: als je dan toch een soort van fulltime basketbalopleiding begint bij de (jonge) vrouwen, dan moet je de beste vrouwenbasketbalcoach van het land die laten leiden.

Meindert is daar namelijk echt van de buitencategorie en dat NOC*NSF een onderwijsgraad belangrijker vond, zegt in mijn ogen wel wat. De reacties, nu en voor het bekend worden van zijn ziekte, zeggen nog veel meer.

Meindert heeft een heleboel dames niet alleen leren basketballen, hij heeft ze ook wat meegegeven voor de rest van hun leven. Dat is het kenmerk van een grootse coach. Het gaat zelfs voorbij landstitels.

Zijn ‘gedrag’ langs de lijn was altijd een issue. Voor de buitenwacht althans. ‘Het gaat veel te ver.’ ‘Ik zou nooit voor zo’n kwal willen spelen.’ Een paar quotes van mensen die vonden dat Meindert te ver ging in zijn coaching. Zijn benadering was dan misschien niet voor iedereen, maar het gros van degenen die voor hem speelden, liep met hem weg. Ook dat weet ik uit ervaring, want de moeder van mijn kind werd international door Meindert en ze zou meer dan tien jaar na haar actieve carrière dwars door het vuur lopen voor hem.

Ook ik trouwens. Ik ben jeugdbondscoach geweest toen Meindert de grote baas was bij de vrouwenkant van Oranje. Er was geen detail dat hij niet overzag, en toch mocht je je eigen ding doen. Toen ik naar mijn eerste eindtoernooi ging, waren er wat dingetjes met beschikbare assistenten. We speelden in Bulgarije en op een bepaald moment kwam Meindert mij zelf assisteren. Hij was een klankbord en een mentor, maar bleef wel op de achtergrond. Met oog voor detail; voor de wedstrijd stond hij de rugnummers op de bidons te schrijven, voor het geval daar iets mis kon gaan. In zijn aanwezigheid rolden we Finland stevig op, ook omdat we de tegenstander feilloos hadden geanalyseerd. De tevreden blik op zijn gelaat maakte het een van de mooiste zeges in mijn loopbaan.

Twee jaar later was ik weer jeugdbondscoach, terwijl ik door een moeilijke fase in mijn bestaan ging. ‘Heb je alles onder controle?’, vroeg hij me eens ronduit. Ik voelde dat het niet alleen over basketbal ging. (het daaropvolgende EK werd een succes trouwens, want ik had toen de goede speelsters geselecteerd en die waren fenomenaal).

Donar had al een uitstekende coach, maar het werd nog beter toen Meindert er zich mee ging bemoeien. Af en toe word ik een beetje moe van de interviews van Erik Braal, maar dat hij het al jaren geweldig doet bij Donar moet toch buiten kijf staan. En met Meindert als über-assistent die de tegenstanders fileert (een throw-back naar de dagen dat hij op de Helderse visafslag werkte), zijn ze alleen maar beter geworden.

Over Braal gesproken: ik vond het ontroerend om Meindert te horen zeggen dat hij soms na een chemokuur ‘bij Erik verblijft’. Waar een in Nederland kleine sport groot in kan zijn, maar ook de reden dat ik ben gaan basketballen. We zijn niet groot maar we zijn wel een sterke familie, op onze beste dagen.

Ik hoop, neen, ik eis bijna dat Meindert nog heel veel van deze dagen meemaakt. Net als Toon is hij een van de godfathers van ons basketballandschap. ‘De ploeg helpen is beter dan thuiszitten’, zei hij tegen Leon.

Op dit soort momenten denk ik vaak dat voor zulke helden niets doen erger is dan wat ons allemaal te wachten staat. Leef je langer of lijkt het langer?

Niet verkeerd opvatten, maar als Meindert zijn ding niet meer zou kunnen doen voor Donar, zou dat gunstig zijn voor de rest van de eredivisie. Maar waarschijnlijk staat hij op dit moment God uit te leggen dat Ze het totaal verkeerd ziet. ‘Lekker dan, laat je team maar in de steek.’

Hij heeft zich al onsterfelijk gemaakt maar ik kijk niet gek op als hij zich nog een tijdje blijft bemoeien met ons basketbal. Dat hij over een paar jaar deze column nog eens terugleest, zijn snor met zijn mondhoeken meekrult, en zegt ‘wat ken-ie lullen hè die Zandbergen, dat wil je niet weten.’

Laat een reactie achter

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.