CP3 by Basketball Totaal

Het beste boek over basketball is 34 jaar oud

Breaks-of-the-Game

Wat is het beste, mooiste, treffendste, meest aangrijpende boek over basketball?
Tsja … natuurlijk, dat zal altijd een kwestie van smaak blijven. Beauty, eye, beholder.

In elk geval heb je al gauw de neiging, eerst aan een fenomenale (of minstens: opmerkelijke) speler te denken, en daarmee aan diens -al dan niet geautoriseerde- biografie. Of misschien aan een coach.
Maar een heel team? Laat staan een hele league??
Toch is dat, wat David Halberstam (1934-2007) presteert in zijn heerlijke boek “The breaks of the game” uit 1981. Aan de ene kant mogen we van hem vuurwerk verwachten. Je wint niet zomaar een Pulitzer prijs voor je (journalistieke) werk. Toch heeft hij niet veel over sport geschreven, laat staan over basketball. Hij was in Vietnam als jonge reporter en deed verslag van de slachtingen daar. Hij werkte achter het IJzeren Gordijn in Polen, en rapporteerde over de burgerrechten beweging in de Verenigde Staten.

Gelukkig voor ons, was er ook ruimte voor triviale zaken, zoals basketball. In het boek dat ik u hier aanprijs leeft hij een heel seizoen (79-80) lang mee met de Portland Trailblazers, destijds met sterren als Bill Walton, Maurice Lucas, en (de onlangs overleden) coach Jack Ramsay. Pardon, DOCTOR Jack Ramsay voor u.
Halberstam heeft ook ECHT met de ploeg meegeleefd, maanden lang, hij was (bijna) overal bij, als een vlieg op de muur. Het lot wilde, dat hij een ‘ideaal’ seizoen uitkoos. Nee, niet het jaar waarin het sprookje uit kwam en de underdog kampioen werd (dat was twee jaar eerder -1977- al met de Blazers gebeurd). Halberstam volgde het team juist in de periode na het wonder. Een periode met een solide team, een zeer (zeer zeer zeer) betrokken coach, een krenterige (meer dan dat) eigenaar, en verwachtingen. Hoge verwachtingen. In het mooie Portland is verder niet veel te beleven, en de Blazers betekenen dus erg veel voor de trouwe fans, en dat zijn er een heleboel. Dit boek, het beste boek ooit over basketball, gaat niet over basketball. Het gaat over het leven.

Bill Walton, de (vooral bij UCLA) legendarische center is weliswaar net vertrokken naar de San Diego Clippers (ja echt), maar het team in Portland mag er nog steeds wezen. En toch. Toch komt het seizoen maar niet op gang. Er zijn spanningen over geld. De NBA kent dan sinds een aantal jaren het grote geld. Het geld, dat in de jaren ’50 en ’60 niet of nauwelijks een rol speelde. In de loop van de seventies ontwikkelt die rol zich snel. Veteranen met ‘oude’ contracten voelen zich ondergewaardeerd, jonge spelers met slimme agenten weten wel (financieel) te scoren.
Halberstam laat geen onderwerp onbesproken, en durft ook taboes aan te raken: ras, drugs, geld, het sollen met spelers, met hun gezondheid, de rol van teamartsen, glibberige en gluiperige spelersmakelaars.
Hij weet een heerlijke remix van deze periode in de NBA te maken: hij focust op de Trailblazers, maar bespreekt ook vele andere ploegen, hun spelers, coaches, eigenaren, de geschiedenis van de league, zowel sportief als sociologisch. Hij zoomt in op die ene assistentcoach met zijn verzwegen dromen, op die ene “veteran” die per se nog een keer contractverlenging wil … gewoon, omdat ‘ie het geld keihard nodig heeft en eigenlijk stiekem al praktisch invalide is. Het moordende reizen, korte nachten, dubieuze hotels, gewillige groepies, en politiek. Ja, zelfs politiek. Vooral Bill Walton was zeer uitgesproken, een echte rebel. Walton hield politieke bijeenkomsten met, voor Amerikaanse begrippen, zéér linkse activisten. Een ieder die Walton aan de lijn wist te krijgen, werd begroet met: “Impeach the President. Hi, this is Bill.”
Met Bill Walton is het qua topbasketball niet meer echt goed gekomen sindsdien, hoewel hij aan de zijde van Bird en co. nog wel een titel won bij de Celtics in 1986.

Feel-good en toch rauw. Dat is dit meesterwerk van Halberstam. Hij gaat uitgebreid in, op de gentle giant Kermit Washington. Een beer van een speler, een beest, een reus. Die op het veld in een schermutseling terecht kwam tegen Houston en zich zo in het nauw voelde, dat hij blind uithaalde … vol in het gezicht van Rudy Tomjanovich, een David vergeleken bij Goliath Washington. De dreun in het gezicht doodde Tomjanovich niet. Nèt niet. Zo erg was het. De Rockets-guard had zeer, zeer vele operaties nodig om weer min of meer de oude te worden. En uiteindelijk als speler, maar natuurlijk vooral ook als coach, ijzersterk terug te komen.
En toch. Toch is er “redemption” voor Kermit. Verlossing. Portland geeft hem een kans en hij doet het goed. Gewoon goed. Vindt zichzelf terug, zijn game, zijn waarde voor een ploeg. Een ploeg waarbinnen hij zich thuis voelt.

Een andere, minstens zo opvallende, speler die ook een (extreem) grillige carrière kende, en die door David Halberstam magnifiek wordt geportretteerd, is Billy Ray Bates. Say who? Who? Who is that? Ik had in ieder geval nog nooit over deze “Black Superman” gehoord. Wat blijkt nu, zijn verhaal is er echt één van “rags to riches” (and back). Billy Ray groeit op in het Zuiden, zijn naam verraadt dat al, tussen Klan en katoen. Via Mississippi en college (Kentucky State) komt hij, dankzij een tomeloze scout, bij de Blazers terecht. Hij blijkt een natuurtalent van zeer zuiver water. Een bulldozer, sterk, geblokt, compact, maar niet te gedrongen om te kunnen springen. Wat heet. Een jumper, yes sir. Een man die geen angst kent, puur op gevoel en intuïtie speelt. Een killer, impulsief, speels, een ballerina met hang time. U gelooft me niet? Want u heeft, geef het maar toe, nog niet van BRB gehoord. Nog nooit. Nimmer. Kijkt u dan toch maar eens op YouTube, hoe hij in play-offs van 1980 Dennis Johnson en Seattle pijn doet. Veel pijn. Met heel veel punten. Schoten, drives, dunks, break-aways. Een en al explosie. De rookie haalt een gemiddelde (!) in de play-offs van 25 punten. Helaas blijkt het niet genoeg. Het seizoen 79-80 van de ploeg uit Portland, de ploeg van Halberstams boek, eindigt in mineur. Nipt de play-offs gehaald, en meteen er weer uit. Voor Billy Ray is de rollercoaster dan pas net begonnen. Hij maakt zich uiteindelijk onmogelijk in de NBA, en speelt vervolgens vele, vele jaren in (op) … de Filippijnen. Daar kroonde men hem met de bijnaam “Black Superman”, eigenlijk een degradatie ten opzichte van de eretitel die Brent Musberger van CBS hem in 1980 als rookie al gaf: The Legend. Billy Ray werd de bekendste sportman van de Filippijnen, en bleef één van de onbekendste helden uit de NBA-geschiedenis. “The breaks of the game” kunnen raar uitvallen. Vraag dat maar aan Bill Walton, aan Maurice Lucas, aan Dr. Jack Ramsey, aan Rudy Tomjanovich, aan Kermit Washington, maar vooral … aan Billy Ray uit Goodman, Mississippi.

Het boek “The Breaks of the Game” is o.a. als eBook te koop, bv. via Google Books (Google Play).

Laat een reactie achter

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.