CP3 by Basketball Totaal

Einde van het jaar 2013: een Kerstverhaal (deel 1)

Columnist Aart Dekker schrijft meestal over wat hem bezig houdt in relatie tot Basketball; hij deelt zijn beleving, waarnemingen, gedachten en ideeën, en probeert constructieve discussie aan te zwengelen, en mensen te verbinden in hun liefde en enthousiasme voor de mooiste sport ter wereld.

En om de ‘Slapende Reus’ wakker te schudden in Nederland. Sinds de vernieuwde opzet van iBasketball.nl probeert hij te focussen op het thema ‘Toekomst en Jeugd’, maar dat dan wel in ruime zin. Aart leeft op samenwerking, en heeft een hartgrondige hekel aan egoïsme, conflicten, geziek, gezeik en cynisme. In samenwerking blinken ‘wij’, als Nederlands Basketball niet echt uit, in de meer negatieve bezigheden, helaas, vaak wel. Dat moet omgedraaid worden, pas als dat lukt kan het Nederlandse Basketball gaan groeien en bloeien, en tot volle wasdom komen. Aart Dekker heeft niet de illusie dat zijn stukjes die ideale situatie zullen bewerkstelligen, maar blijft (vooralsnog) hardnekkig proberen zijn steentje bij te dragen…

Er was eens een landje aan een Noordelijke zee en het was Kerstmis. Het was er donker en nat, en het stormde verschrikkelijk. En…er was helemaal niets leuks te doen tot en met ongeveer Nieuwjaar. De mensen sloten zich op in hun huizen, velen met familie, anderen met vrienden, maar ook niet weinigen helemaal alleen. Er werd gedronken, en gegeten, TV gekeken , soms was het gezellig, maar ook al te vaak dodelijk saai…

Dit verhaal begon al eeuwen eerder, toen veel mensen uit hun (al dan niet dodelijke) armoede probeerden te ontsnappen en in gammele bootjes stapten, in de hoop aan de andere kant van een grote oceaan een beter bestaan op te bouwen. Velen lukte dat, anderen niet, er waren donkere tijden; zoals de oorlogen en moordpartijen waarin de oorspronkelijke bewoners van het ‘Nieuwe Land’ bijna werden uitgeroeid, een bloedige Burgeroorlog, en een periode waar tientallen miljoenen mensen van een ander continent (weer aan de overzijde van dezelfde oceaan) als vee werden ingescheept, om de inmiddels gemiddeld al wat rijkere bewoners als slaaf te dienen en nog rijker te maken. Maar er werd ook ongelofelijk veel bereikt: het land groeide en bloeide, en werd beetje bij beetje het rijkste en machtigste land op de planeet.

Het werd ook een sportief land, tenminste – een land waar sport erg belangrijk werd – En ruim honderd jaar geleden bedacht een leraar in het hartland van het nieuwe continent een nieuwe sport uit. Hij noemde het ‘mandjes-bal’, omdat hij als doel toevallig een tweetal perzikmanden voorhanden had.

Die sport werd ongelofelijk succesvol; binnen korte tijd werd het erg populair in het hartland, en nog steeds is het voor de mensen in die regio bijna een religie. Maar daar bleef het niet bij; de sport veroverde eerst het hele land, zo werd hij ook de eerste sport van de donkere bevolking, de nazaten van de voormalige slaven, die nu niet meer alleen op de plantages hun zware werk deden, maar inmiddels in de grote steden woonden, een deel daarvan vrijwel net zo arm als toen ze (of hun voorouders) nog slaaf waren.

Vooral na twee superoorlogen, die bijna de gehele aardbol jarenlang in hun greep hielden, werd de nieuwe sport – vooral de soldaten speelden daar een grote rol in – over de hele wereld verspreid.

Veel landen leerden die nieuwe sport kennen na de Eerste van die twee oorlogen. Maar er waren ook landen waar dat pas tientallen jaren later, na de Tweede Grote Oorlog gebeurde. En bij die landen hoorde ook het kleine landje aan die Noordelijke zee. De sport sloeg er snel aan; hij werd er vooral onder studenten en scholieren in korte tijd populair. Eerst waren er nauwelijks geschikte accommodaties voor, want de nieuwe sport was een indoorsport die in sporthallen gespeeld moest worden (al kon het bij mooi weer ook heel goed buiten). In het landje waren echter nauwelijks sporthallen, want de sporten waar het landje al redelijk goed in was, waren vooral sporten die buiten – op velden, in of op het water, of op de weg – werden beoefend. Langzaam aan groeide de sport echter, ondanks die beperkende factor, en ook de spelers en coaches werden snel beter. Als een van de eerste sporten ontdekte de nieuwe sport een hele serie nieuwe zaken die sport in het kleine landje volledig zouden veranderen, en voerde deze met groot succes in. Het ging om zaken zoals: sponsoring en shirt- en naam-reclame, het importeren van spelers uit het land waar de sport was geboren en die het niveau direct en indirect gigantisch verhoogden – en bovendien hun cultuur mee- en over-brachten – , Magazines en Jaarboeken, All*Star-Gala’s, Play-Offs en…een jaarlijks Eindejaars-Toernooi.

En dat Toernooi werd enorm belangrijk voor de jonge sport in het kleine landje; ‘tout-le-monde’ ontmoette elkaar daar in een, voor het ‘nog-jonge-en-kleine-sportje-in-het-kleine-landje’ zeldzaam eendrachtige en warme atmosfeer, de beste sporters van de nieuwe sport – van over heel de wereld – kwamen er hun kunsten vertonen en, omdat er er in het kleine landje voorheen nooit werd gesport in die donkere dagen van het jaar, er was ook nog eens heel veel aandacht van alle media voor het Toernooi. Door dit alles werd het een van de grootste en meest populaire Sport-Evenementen in het kleine landje, met grote faam en populariteit over heel de wereld.

Maar zoals zo vaak kwam er aan alle moois een eind…

De andere sporten in het kleine landje aan de Noordelijke zee hadden er erg lang voor nodig, maar uiteindelijk kopieerden zij vrijwel alle vernieuwingen van het nieuwe mandjesball naar hun eigen sport, zij het soms met kleine aanpassingen. De zaal waarin het Eindejaars-Toernooi traditioneel werd gespeeld bleek te klein en niet optimaal geschikt om het Toernooi mee te laten groeien, met de tijd en met de concurrentie. De Nederlandse deelnemers aan het Toernooi zagen ook allemaal de meerwaarde die het ieder van hen bood om zich verder te verbeteren, en wilden dus allemaal voor zich graag meedoen (al was dat niet voor iedereen weggelegd), maar werkten niet echt mee aan het idee om de Nederlandse vertegenwoordiging te laten bestaan uit het beste wat zij – samen – te bieden hadden; Oranje, of wel het team met al de beste spelers van het kleine landje aan de Noordelijke zee; want daar ‘hadden ze niet zoveel aan’. Om de problemen het hoofd te bieden probeerde de organisatie verhuizingen naar andere steden, die zalen in de aanbieding hadden met meer ruimte en mogelijkheden. En tenslotte verloren ook grote sponsoren en de meeste media hun grote interesse in het Toernooi.

Er werd van alles geprobeerd: diverse malen waren er jaren zonder Toernooi. Er waren ook andere groepjes enthousiastelingen, die in het gat sprongen en eigen toernooien organiseerden, her en der in het kleine landje aan de Noordelijke zee. Er kwamen jaren met zelfs twee (een maal zelfs drie!) internationale toernooien rond het einde van het jaar. Maar zo mooi, groot, indrukwekkend, belangrijk en – vooral – ‘warm en vol als vroeger’ werd het nooit meer.

Inmiddels rolde er ook nog eens een ‘diepe economische crisis die jaren duurde’ als een tsunami over de wereld, natuurlijk ook over het kleine vlakke landje aan de Noordelijke zee. Sommigen zagen er een gelegenheid in om eigen stokpaarden door te duwen en schiepen een sfeer van ‘crisis en het geld is op!’ En legde daarmee een doemsfeer over het – eigenlijk steenrijke – landje aan de Noordelijke zee.
En toen was er ineens – een beetje te verwachten, maar tegelijk ook plotseling en toch nog onverwacht – geen enkel Internationaal Eindejaars Toernooi meer in dat kleine landje…

En zo kwam er een eind aan dat vaste ijkpunt op de kalender van een flinke groep mensen binnen het kleine wereldje van de ooit nieuwe sport in het kleine landje aan de Noordelijke zee. Was het voor hen ooit tijdens die ‘Goede Oude Tijd’, tijdens de donkere dagen voor Kerst (en voor sommigen ook nog gedurende 1e Kerstdag) ‘even doorbijten’, om zich vervolgens vanaf 2e Kerstdag een of meerdere dagen onder te dompelen in een ‘Warm Bad van goede sfeer, oude vrienden, topsport en show’.
Nu was er bitter weinig van die soort vulling voor die donkere dagen over…

Ja, ooit was er op 2e Kerstdag nog een (veel kleiner) toernooi vlak aan de kust van de Noordelijke zee. Het duurde een dag, en ook dat was erg leuk (en warm, zo niet heet). Maar dat toernooi had een ‘Thuisclub’, en toen het minder ging met die club (die uiteindelijk voor 20 jaar van het toneel verdween), en het ‘grote Toernooi’ steeds maar groter groeide, verdween dat evenement van de agenda.

Als vervanging van al dat moois van het verleden, werd er nu een reguliere competitiewedstrijd gepland tussen die, als een Phoenix uit haar as herrezen, ‘Thuisclub’ en haar traditioneel grootste rivaal. Een (hopelijk) mooie wedstrijd, en verder niets, dat was het wat er nu nog restte uit al die vervlogen prachtige tijden.

Eigenlijk, bekeken als langjarig gemiddelde en met helikopter-view, volgde de hele – inmiddels niet meer piepjonge – nieuwe sport in het kleine landje aan de Noordelijke zee, een beetje de ontwikkeling van ‘Rise and Fall’ van het Eindejaars Toernooi; er waren lange periodes van onafgebroken groei en bloei, er waren mindere periodes tussendoor, er waren bar slechte jaren, en oplevingen gevolgd door nieuwe haperingen. Het verschil tussen een evenement (dat doorgaat of niet) met een hele sport (die altijd wel doorgaat, maar sterke en zwakke kanten heeft), is dat het ene dus het karakter van ‘alles of niets’ heeft, terwijl je bij de ander meer kunt spreken van ‘vitale jaren’ en van ‘jaren van malaise en/of krimp’.

De mensen die deze hele geschiedenis hadden meegemaakt, en de gang naar ‘het Toernooi’ in hun bioritme hebben, hadden deze Eindejaars-periode dus veel tijd om – in alle rust – te overdenken ‘Hoe het allemaal zo gekomen is?’, en ‘Wat te doen om die Gouden Tijden te laten herleven?’ Datzelfde gold de andere mensen die het voor het zeggen hadden in de nieuwe sport in het kleine landje aan de Noordelijke zee…

Ik wens iedereen een hele Prettige Kerst!

AART DEKKER, meer (Basketball) van Aart Dekker op zijn Weblog.

Bij het einde van ‘Deel-1’: zoals het hoort in een sprookje of kerstverhaal pretendeert het bovenstaande geen complete en geheel verantwoorde geschiedschrijving te zijn. Het is een poging in een notendop gebeurtenissen te schetsen, zonder namen, data, schuldigen en ongeschuldigen aan te duiden. Wel is de bedoeling eens anders naar onze historie te kijken, en erover anders na te denken. De moraal van dit verhaal, al lijkt hij me er niet al te moeilijk uit te halen te zijn, volgt in deel twee. Evenals een oplossing, waar er natuurlijk vele denkbaar (en waarschijnlijk nodig) zijn!

Deel-2 over een (of enkele) dag(-en).

Laat een reactie achter

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.